Reisverslag familie op reis door Australië

Je gunt je kind toch de wereld!

Familie Miserus in Australië

met kinderen van 5 en 1 jaar
Vol spanning…

Wat waren we zenuwachtig, de laatste dagen voor vertrek… Niet omdat we voor het eerst voor vier weken naar de andere kant van de wereld zouden gaan. Ook niet omdat het toch best wel ver vliegen was. En al helemaal niet omdat we inpakstress hadden. De zenuwen gierden door ons lijf omdat het nog maar de vraag was of we zaterdag wel in het vliegtuig mochten stappen…. YZZE HAD DE WATERPOKKEN!! Over slechte timing gesproken… De plaatselijke apotheek had die week een goede klant aan ons: alle middeltjes die er bestonden om die verdraaide dingen sneller te laten indrogen, hebben we gekocht. Een dag voor vertrek smeekten we onze huisarts om een “fit-to-fly” verklaring. Terwijl Yzze dansend en zingend rond zijn bureau liep vroeg hij geheel overbodig: “Is ze fit?”. Tsja, fit was ze wel. “En die vlekjes?” Bijna allemaal korstjes. Vooruit dan: van de huisarts mocht ze vliegen. Nu nog afwachten wat de medische dienst op Schiphol zou gaan zeggen…

Mogen we of mogen we niet…?

Bepakt en bezakt komen we aan op Schiphol. Ondanks alle goede adviezen van mensen om ons heen (“Doe haar een muts op en een sjaal om!”, “Smeer er gewoon wat foundation overheen!”, “Trek haar een boerka aan!”) hebben we er vertrouwen in dat de natuur met hulp van alle smeerseltjes haar werk goed gedaan heeft en alle blaasjes inderdaad zo ver ingedroogd zijn dat Yzze geen gevaar meer vormt voor de volksgezondheid (en voor onze vakantie).

And… Off we go!!

Nog geen minuut na aankomst op Schiphol wordt dit vertrouwen echter al flink geschaad: we worden meteen uit de wachtrij gepikt. “Ze heeft waterpokken hè, komt u maar even mee.” De collega achter de desk wordt gewaarschuwd: “Dat meisje heeft waterpokken!”. Onmiddellijk wordt verdere actie ondernomen en komt de supervisor er bij. Die bekijkt Yzze plus de medische verklaring van de huisarts met argusogen en besluit vervolgens dat de medische dienst toch echt ook goedkeuring moet geven. Hij verdwijnt naar achteren om vervolgens zijn gezicht lange tijd niet meer te laten zien. Het ogenschijnlijke voordeel van het voorbij mogen lopen van een lange, lange rij wachtenden wordt hierdoor volkomen teniet gedaan. Quinn en Yzze vermaken zich ondertussen echter prima met het wegen van zichzelf op de bagageband, wat door de grondstewardessen oogluikend wordt toegestaan. Een zenuwslopende tijd later komt dan eigenlijk het verlossende telefoontje naar de desk: we mogen gaan!!

In de lucht

Niet veel later zitten we in de Boeing 777-300ER van Cathay Pacific op weg naar Hong Kong. Yzze slaapt al voordat we goed en wel zijn opgestegen. Helaas blijkt dat geen voorspellende waarde te hebben voor de rest van de reis… Quinn amuseert zich ondertussen opperbest met de dame naast hem die geen woord Engels (of welke taal dan ook, afgezien van Colombiaans) speekt, maar wel een tas vol lekkere dingen heeft meegenomen! Hij eet zijn buikje rond en kijkt onafgebroken naar de ontelbare filmpjes op zijn scherm. Daarnaast is het natuurlijk heel “cool” dat er onder het vliegtuig een camera hangt, zodat je lekker mee kan kijken naar de landen waar we overheen vliegen. In de buurt van Hong Kong is het erg slecht weer en regent het pijpenstelen. De toch al moeilijkste landing ter wereld wordt er daardoor allerminst gemakkelijker op… De piloot excuseert zich voor de “bumpy flight”, maar brengt het toestel zacht en veilig aan de grond. Hoewel het in Nederland nu midden in de nacht is, laten de biologische klokken van Quinn en Yzze dat niet blijken. Vol enthousiasme rennen ze over het vliegveld en leven ze zich uit in de speeltoestellen. Voor we het weten is de wachttijd voorbij en kunnen we beginnen aan de tweede vlucht, die ons naar Sydney zal gaan brengen. Maar niet voordat Yzze en de medische verklaring weer uitgebreid bestudeerd zijn door het grondpersoneel van Cathay Pacific. Veiligheid voor alles! De lange vliegreis valt ons uiteindelijk erg mee, maar toch zijn we blij dat we voor Yzze een eigen stoel geboekt hebben. Ze is dan nog wel geen 2 jaar oud, maar we moeten er niet aan denken dat we haar al die uren op 1/2 m2 (of minder?!) op schoot hadden moeten houden! Zo denkt ze er overigens zelf ook over: van de stewardessen tijdens de tweede vlucht moet ze namelijk per se op schoot bij het opstijgen, hetgeen onze “Drama Queen” niet kan waarderen. Dit laat ze dan ook luidkeels merken! Gelukkig geeft ze de strijd na een paar minuten op, zodat de overige mensen in het vliegtuig verder ongestoord van hun vlucht kunnen genieten. Aangekomen op Kingsford Smith International Airport in Sydney sluiten we aan in een lange rij voor de paspoortcontrole. Niet echt iets waar we op zitten te wachten na zo’n lange reis, maar goed. Wat moet, dat moet! Gelukkig hebben we daarna snel onze bagage en stappen we in een taxi op weg naar The York by Swiss-Belhotel. De taxichauffeur is helemaal enthousiast over de buggy die we bij ons hebben. Hij vraagt wel drie keer welk merk het is (Nuna), want deze is veel handiger en kleiner in te klappen dan de andere buggy’s die hij ooit gezien heeft. Klopt, daarom hebben we deze ook aangeschaft! Benieuwd of hij ‘m hier Down Under ook kan krijgen… In ons erg ruime appartement vallen we al snel in slaap, moe maar voldaan. We zijn er!!

Labour Day

We maken met z’n allen een goede nacht en slapen een beetje uit, waardoor we helemaal geen last hebben van een jetlag. Gelukkig maar, want we staan te popelen om Sydney te gaan verkennen! Het is vandaag uitzonderlijk warm voor de tijd van het jaar: maar liefst 35 graden! In heel Australië is het momenteel nergens warmer dan hier… De locals puffen en steunen, en dat terwijl ze allemaal lekker vrij zijn vanwege Labour Day. Hitte of geen hitte: we moéten vandaag natuurlijk het Opera House zien! Met de strakblauwe lucht op de achtergrond levert dit mooie plaatjes op. Vanwege de collectieve vrije dag puilen de terrassen uit, maar het lukt ons toch om een plekje te bemachtigen op de kade bij Circular Quay. Niet goedkoop uiteraard, maar we genieten van een welverdiende heerlijke lunch. Behalve Yzze: zij eet een minuscuul stukje brood en kruipt vervolgens in haar buggy om lekker te gaan slapen. Ze is duidelijk toch nog niet helemaal gewend aan het nieuwe ritme…

Manly Beach

Vanwege het warme weer besluiten we in de middag met de ferry naar Manly Beach te gaan. Het is er gezellig druk, aangezien er vanwege Labour Day ook een Jazzfestival is. De talloze aanwezige bandjes zorgen voor een aangename sfeer. Lopend vanaf de ferry naar het strand komen we diverse kleine fonteintjes tegen. Quinn en Yzze kunnen het water op deze warme dag niet weerstaan, en spetteren wat af! Dat de fonteintjes van grootte wisselen en Yzze ineens een enorme plens water midden in haar gezicht krijgt, lijkt haar niet te deren. En ach, die kleren worden wel weer droog in het zonnetje! Later dan gepland komen we uiteindelijk aan op het strand. Gelukkig is er nog even tijd om te spelen voordat de zon achter de gebouwen verdwijnt. Aangezien we behalve twee schepjes geen strandspeelgoed hebben meegesjouwd vanuit Nederland, besluit Yzze het speelgoed van de “buurkinderen” maar in te pikken. Verbouwereerd door zoveel brutaliteit durven ze haar niet eens tegen te houden… Gelukkig kunnen hun moeders er om lachen! Als de zon weg is, wordt het wat frisser op het strand. Bovendien hebben we honger! Net als we aan het bedenken zijn wat we eens zullen gaan eten, komt er een vriendelijke Australiër langs met zijn gezin. Hun ogen waren groter dan hun buik, want de door hen bestelde pizza’s zijn nog lang niet op. Of wij misschien de rest willen? Een beetje overdonderd stamelen we iets dat op “Yes, thank you!” lijkt, en Quinn en Yzze vallen meteen aan. Dat is nog eens voordelig eten, in tegenstelling tot onze lunch… 😉 Het is al donker als we met de ferry  terugkomen bij Circular Quay. We hebben genoten!

Darling Harbour

Weer zo’n warme dag vandaag. We slenteren in de ochtend door Darling Harbour: een wijk rondom de haven met talloze terrasjes en restaurantjes. Er liggen diverse grote boten voor anker die voor Quinn natuurlijk erg interessant zijn om te bekijken. Al snel bereiken we Tumbalong Park, waar een grote speeltuin op ons wacht. De vele waterspelletjes zijn in deze hitte erg aantrekkelijk! Maar aangezien Yzze zonnebrandcrème in haar ogen heeft gewreven en de tranen haar over de wangen lopen, besluit zij dat ze beter haar oogjes dicht kan doen dan kan gaan spelen. Dat kan de pret echter niet drukken voor Quinn, want hij vermaakt zich prima! We brengen er best een tijdje door, genietend van het zonnetje. Quinn en Robbert-Jan kunnen maar geen afscheid nemen van de speeltuin. Felicia besluit met Yzze (die overigens nog steeds slaapt…) vast een stukje terug richting het hotel te lopen. Ineens komt een getinte man hen tegemoet: “Don’t you recognise me?” Ehhh, no..? “I was your pilot on the flight two days before from Hongkong to Sydney!” Wat een toeval! Zou Felicia zo’n verpletterende indruk gemaakt hebben dat hij zich ons nog herinnert, of waren het toch (vooral) de waterpokken van Yzze die zijn aandacht getrokken hebben….?!

Bondi Beach

‘s Middags staat weer een bezoek aan het strand op ons programma. Dit keer wordt het Bondi Beach, want nu we hier toch zijn moeten we toch eens met eigen ogen zien waar dat televisieprogramma “Bondi Rescue” nu eigenlijk opgenomen is! We nemen de trein en de bus, een beleving op zich! Aangekomen zien we metershoge golven tegen de kust aan slaan. Dat de zee hier voor de kinderen niet zo geschikt zou zijn om te zwemmen, wisten we. Maar dat de golven zó hoog waren… Mooi om te zien! Diverse surfers vertonen er hun kunsten. Quinn kijkt hoe ver hij de zee in kan zonder omver te worden gegooid door een golf, en Yzze blijft op veilige afstand bezig met het begraven en weer opgraven van de bal die we meegenomen hebben. Robbert-Jan is de enige die zich echt in de woeste zee durft te wagen… Aan het eind van de middag nemen we de trein terug naar het hotel. We hadden er even niet aan gedacht dat de Australiërs natuurlijk géén vakantie hebben, dus wij staan in onze strandkleding midden in de spits tussen alle kantoormedewerkers en zakenlui… Verschil moet er zijn!

Bonza Bike Tour

Blijkbaar hadden we onze nachtrust nodig, want vandaag worden we pas om half 10 (!) wakker!! Dat is ons in Nederland nog nóóit gebeurd sinds we kinderen hebben. Als het eens een keer half 7 is, noemen we dat uitslapen… Gelukkig zijn we nog net op tijd voor de Bonza Bike Tour die we voor vandaag geboekt hebben. Yzze gaat achterop in een fietsstoeltje bij Felicia en Quinn in de Kiddy Carrier bij Robbert-Jan. We krijgen allemaal een rode helm op: Yzze lijkt net de Champignon van Mario Kart! 😉 Klaar om te gaan! We fietsen onder andere door The Rocks, naar Observatory Hill, langs het Opera House en door de Botanische Tuinen. Uiteraard fietsen we ook de Harbour Bridge op! Een hele klim met zo’n kar achter je fiets… Maar het uitzicht maakt het zwoegen zeker de moeite waard. Naast de “standaard” locaties die je natuurlijk móet zien als je in Sydney bent, leiden Jess en Matt ons naar de mooiste plekjes waar je zelf als toerist nooit gekomen zou zijn. Erg leuk ook om bij iedere plek een stuk historie te horen en tips te krijgen over waar je vooral wèl (Fish Market) en niét (Starbucks) moet zijn. Quinn en Yzze kijken hun ogen uit. Yzze heeft ondertussen ontdekt dat ze het voor elkaar krijgt om vanuit het fietsstoeltje haar schoen op (gelukkig niet “tussen”) het achterwiel te zetten. Na het ruiken van verbrand rubber (en verbrande schoenzool) binden we haar met haar veters vast aan het stoeltje, hetgeen ze minder kan waarderen… En dat laat ze natuurlijk weer duidelijk horen! Het laatste stuk van de 4 uur durende tocht gaat ze daarom gezellig naast Quinn in de Kiddy Carrier. Wat een lol hebben ze samen! Na afloop van de tour eten we een heerlijk taartje bij La Renaissance: volgens Matt de beste patisserie met de heerlijkste koffie van The Rocks. En daarmee heeft hij niets te veel gezegd!

Uit eten

Na een powernap besluiten we vanavond één van de vele restaurantjes in Darling Harbour uit te proberen. Bij Baia zien we meer gezinnen met kinderen zitten. Er klinkt gezellige muziek en de vuurkorven branden. Een goede entourage om te dineren dus! Omdat het nog geen 19u. is, mogen we gebruik maken van een speciaal 3-gangen keuzemenu inclusief drank voor omgerekend nog geen 19 Euro per persoon. Een fractie van de normale prijs! Omdat Yzze net nog geslapen heeft, durven we het er wel op te wagen om wat langer aan tafel te zitten. Een goede beslissing, want het eten smaakt heerlijk! Ook Yzze, die de afgelopen dagen besloten had dat ze terug naar babytijd ging en alleen nog maar melk wilde drinken, smult van het stokbrood, de frietjes en de kip die haar voorgezet worden. Van de bediening krijgen we zelfs nog complimenten over het gedrag van de kinderen. Een gezellige avond dus!

Fish Market

Vandaag alweer ons laatste dagje in Sydney. We besluiten als eerste naar de Fish Market te gaan. Hoewel ons hotel erg centraal gelegen is en de meeste wijken op loopafstand zijn, is dit toch wel een eindje wandelen. Onderweg beloven we Quinn daarom dat we naar een snoepwinkel gaan die volgens de Sydney Pocket Guide zelfs voor Willy Wonka een belevenis is! Helaas blijkt de snoepwinkel inmiddels omgedoopt te zijn tot een patisserie, en aangezien de taartjes van gisteren niet te overtreffen zijn… Wel een teleurstelling voor Quinn natuurlijk. Maar met de gedachte aan een snoepje als we weer terug zijn in het hotel (een kinderhand is snel gevuld…!) loopt hij redelijk soepel mee tot aan het grote blauwe gebouw waar de Fish Market in is gehuisvest. Eenmaal daar is hij meteen helemaal verguld als hij 2 grote krabben in een krat ziet liggen. En om hem heen staan nog veel meer plateaus met vissen die we nog nooit eerder gezien hebben! Hij kijkt z’n ogen uit, en wij trouwens ook! Yzze is tijdens de lange wandeling in slaap gevallen, dus zij krijgt helaas niks mee van de “visjes”. De verse vis ruikt volgens Quinn dan wel “walgelijk”, maar ziet er voor ons toch aantrekkelijk genoeg uit om te proeven! We sluiten aan in één van de lange rijen en weten nog net een tafeltje bemachtigen om onze calamares en garnalenspiesjes te verorberen. Quinn trekt even een vreemd gezicht als hij hoort wat hij nu eigenlijk aan het eten is. INKTVIS?! Maar al snel moet hij toegeven dat het toch wel heel lekker smaakt!

Powerhouse Museum

Met onze buikjes vol gaan we op weg naar het volgende onderdeel van ons dagprogramma: het Powerhouse Museum. We hebben er bewust voor gekozen om niet het Aquarium of de Zoo te bezoeken, ondanks dat dit erg leuk is voor kinderen. We gaan er namelijk van uit dat we (bijna) al dit moois ook nog “in het echt” gaan zien! En dat is toch leuker dan achter glas… Bij het Tourist Information Center is ons verteld dat dit museum ook erg leuk is om te bezoeken met kinderen. Er is van alles en nog wat te zien en Quinn en Yzze vermaken zich best, maar ons valt het toch wat tegen. Wellicht zijn we in Nederland een beetje te verwend met NEMO en Naturalis! Net als we aan het bedenken zijn hoe we de dag zullen afsluiten, horen we: “Yzze peeltuin peelen!”. Dat is duidelijk: op naar de speeltuin dus waar we eergisteren ook waren! Blijkbaar heeft Yzze er spijt van dat ze toen alleen maar geslapen heeft… 😉 Net als we bij de speeltuin aankomen, breekt het zonnetje door op deze toch wel wat bewolkte dag. Heerlijk! Maar goed ook, want Yzze heeft bedacht dat het veel leuker is om IN het water te gaan liggen dan er naast te blijven staan…

Een kort vluchtje

Vandaag zetten we wèl een wekker: we moeten op tijd op de luchthaven zijn voor onze vlucht naar Melbourne. Volgens de piloot duurt de vlucht “relatief lang”: 68 minuten! Een eitje in vergelijking met de reis die we een paar dagen geleden nog gemaakt hebben, en ondanks wat vertraging zijn we voor we het weten hemelsbreed zo’n 850 kilometer zuidelijker. Met de snelbus gaan we naar een centraler punt in de stad, en van daaruit nemen we een taxi naar ons hotel. De eerste taxichauffeur die we treffen schudt zijn hoofd. Al die bagage + buggy past nooit in z’n taxi… Een stukje verderop horen we iemand fluiten: een potige taxichauffeuse wenkt ons, en in no time zitten alle spullen èn wij zelf in haar taxi, die toch echt het zelfde formaat had als de eerste die we zagen… Ze kletst heel wat af in de paar kilometers naar het hotel! Van haar horen we onder andere dat het in 157 jaar nog nooit zo warm is geweest in Melbourne in deze tijd van het jaar. Tsja, 30 graden is hier ook niet niks… De truien die we hebben meegenomen voor het “koude zuiden” blijven (voorlopig) dus nutteloos.

Gezellig!

Eenmaal in ons hotel doen we snel luchtigere kleding aan en gaan we de stad verkennen. Melbourne maakt op ons een gezellige en gemoedelijke indruk. De mix tussen oude en nieuwe gebouwen zorgt voor een levendig straatbeeld. Er zijn talloze leuke barretjes, koffietentjes en restaurantjes. De aanwezige straatmuzikanten zorgen voor de rest! Plotseling staan we in een smal maar heel pittoresk straatje met op de hoek een kleine bistro, waar heerlijk uitziende wraps en pancetta’s in de etalage liggen. Daar kunnen we niet zomaar voorbij lopen! Quinn smult van een donut gevuld met chocopasta, die de eigenaar van het zaakje speciaal voor hem heeft uitgezocht. Yzze drinkt ondertussen stiekem het hele flesje vers geperst fruitsap van Felicia op… Haar vitamientjes heeft ze ook weer binnen voor vandaag! We wandelen nog een heel stuk door Melbourne terwijl het zonnetje heerlijk glinstert in de Yarra rivier. Wat een prettige sfeer hangt hier! Voordat we gaan eten besluiten we de City Circle tram te nemen, waarin we gratis een ronde door de stad kunnen maken. Zo zien we in de korte tijd dat we hier zijn nog nèt iets meer van al het moois wat Melbourne te bieden heeft. Halverwege besluit de trambestuurder dat hij even pauze nodig heeft, en stapt hij uit om een rondje te gaan wandelen. Tsja, daar kan je natuurlijk als gratis reizende passagier weinig tegenin brengen… Iedereen wacht geduldig af tot hij weer terug is, en we vervolgen onze reis om uiteindelijk uit te stappen bij wederom een smal straatje. Hierin hebben alle aanwezige restaurants hun kleine tafeltjes uitgestald en kunnen we heerlijk buiten zitten. Het is aardig druk, dus we zijn blij dat we ergens een plaatsje hebben weten te bemachtigen. We blijken bij een tapastentje te zitten, precies wat we zochten! Het is best even puzzelen om met draaikont Yzze die nergens van af kan blijven op 1 m2 al dat lekkers te verorberen, maar de sfeer is super en het eten smaakt heerlijk. Voldaan keren we terug naar ons hotel, dat niet alleen overdag maar ook ‘s avonds een prachtig uitzicht blijkt te hebben!

Bochtig..

We gaan beginnen aan waar we in dit stuk van Australië voor gekomen zijn: de Great Ocean Road! Maar daarvoor hebben we natuurlijk wel een auto nodig. Het ophalen van de auto kost meer tijd dan gedacht, omdat “the boys” die daar werken blijkbaar nogal moeite hebben met het goed installeren van de twee kinderzitjes. En dat is toch wel belangrijk! Maar uiteindelijk zijn we “good to go” en kan het volgende avontuur starten: het rijden in een onbekende auto aan de linkerkant van de weg… Best een uitdaging! Aangezien het knipperlicht ook aan de andere kant van het stuur zit dan we gewend zijn, gaan regelmatig plotseling de ruitenwissers heel hard aan! Erg lachwekkend als dat zo’n twintig keer achter elkaar gebeurt… Gelukkig is het zaterdag en valt het mee met de drukte, dus we komen verder zonder al te veel moeite de stad uit. In de mooie reisgids die we van Travelnauts hebben gekregen, zoeken we op welke plekjes van de Great Ocean Road we absoluut niet mogen missen. Helaas is het erg bewolkt, hetgeen ons terug doet denken aan de dag dat we in Amerika over de Highway One reden. Ook daar zagen we vrijwel niks van al het moois wat de omgeving ons te bieden had door de mist en de laaghangende bewolking… We stoppen om te lunchen bij een idyllisch stukje strand waar met name surfers hun kunsten vertonen. Quinn vindt ondertussen een paar grote schelpen en is helemaal in zijn element! Nog wel, want als we onze weg vervolgen wordt hij steeds stiller… En dat is niks voor kletskous Quinn! Als Felicia omkijkt, ziet ze hem met een sip gezicht in zijn stoel zitten. “Ik heb een beetje buikpijn…”. Nog voordat Felicia een zakje kan zoeken, is het al te laat: een grote golf braaksel gaat over de stoelen van de gloednieuwe auto. En nóg een golf… Hoewel Quinn nog nooit heeft hoeven overgeven, zijn de bochtige weggetjes hem dit keer blijkbaar toch te veel geworden… Met haar handen probeert Felicia te redden wat er te redden valt, maar dat is natuurlijk tevergeefs. Daar staan we dan, langs de kant van de mooiste weg van Australië, met een smerige stinkende auto en dito kind. Dat wordt poetsen! Niet veel later komen we gelukkig aan in Apollo Bay, bij een prachtige B&B waar we meteen onder de douche stappen om de vieze lucht van ons af te krijgen. Weer helemaal fris en fruitig gaan we een wandeling maken langs de leuke winkeltjes en over het rustige strand. Het zonnetje is doorgebroken! We hebben ergens gelezen dat je in dit deel van Australië soms wel 4 seizoenen op één dag kan beleven. En dat lijkt aardig te kloppen tot nu toe! Quinn en Yzze spelen nog even in de leuke speeltuin die er is, en vervolgens gaan we een hapje eten. De keuze is natuurlijk snel gemaakt (door Quinn, die zich inmiddels weer kiplekker voelt) als we een pannenkoekenrestaurant tegenkomen. En wat voor één! Quinn’s ogen worden groot bij het zien van de enorme pannenkoek die op zijn bord ligt. En hij krijgt er zelfs nog ijs en slagroom bij terwijl we dat niet besteld hadden. Wat een feest!

Twaalf Apostelen

Na een goed ontbijt vertrekken we voor de rit naar Warrnambool. Omdat het niet ver rijden is, hebben we tijd genoeg om tussendoor de nodige stops te maken. Allereerst wandelen we een stuk door het tropisch regenwoud. Het is er erg mooi, maar helaas komen we weinig dieren tegen. Een papegaai plaagt ons door zich continue wèl te laten horen, maar níet te laten zien… We rijden verder richting de beroemde vuurtoren van Cape Otway. Er is ons beloofd dat we onderweg zéker koala’s zullen zien. Dat wordt speuren dus! We turen alle Eucalyptusbomen af, maar vinden niks… Gelukkig zien we aan de kant van de weg ineens een auto stilstaan, en daardoor wordt het zoeken ons gemakkelijk gemaakt: naast de auto kauwt een koala rustig op wat blaadjes. Wauw!! Een klein stukje verderop spotten we ook nog kleurige papegaaien. Onze dag is goed! We rijden verder en ontdekken nog véél meer koala’s in de boomtoppen. Als je eenmaal weet waar je op moet letten, is er geen kunst meer aan! 😉 We vervolgen onze weg richting de Twaalf Apostelen (of waren het er zeven?!): voor ons ook één van de hoogtepunten van de Great Ocean Road. Vandaag werkt het weer nog steeds niet echt mee, maar desondanks zijn die imposante rotsblokken in de onstuimige zee prachtig. Iets verderop bekijken we ook nog de London Bridge, waarvan een tijd geleden een boog is ingestort. Misschien iets minder bekend (de vriendelijke praatgrage taxichauffeuse uit Melbourne had er nog nóóit van gehoord…), maar ook zeker de moeite waard! Aan het eind van de middag bereiken we Warrnambool. Het is zondag en het is erg slecht weer, dus het dorpje is uitgestorven. We besluiten daarom lekker binnen te blijven met de verwarming aan! Yzze heeft ondertussen ook ontdekt wat de iPad (“Paipet”) haar kan brengen, dus het is met recht een “lazy Sunday afternoon”!

Weer in het vliegtuig…

We hebben vandaag een relatief lange reisdag in het vooruitzicht: we rijden terug van Warrnambool naar Melbourne om van daaruit meteen het vliegtuig naar Brisbane te nemen. Yzze heeft er geen zin in: ze slaapt om precies te zijn maar 25 minuten van de lange autoreis, en is het stilzitten al snel helemaal beu. Alle trucs (en doosjes rozijntjes) worden uit de kast / tas gehaald om haar nog enigszins te vermaken. We troosten ons met de gedachte dat ze dan in het vliegtuig wel zal slapen. Maar nee hoor! Ondanks dat onze “madame” 2 stoelen voor zichzelf heeft om lekker op te kunnen liggen, verkiest ze het sjansen met haar (veel oudere) buurman aan de andere kant van het gangpad boven haar slaap. Het is al bijna donker als we in Brisbane arriveren, dus afgezien van de lokale supermarkt zien we helaas weinig van deze stad.

Koala’s en kangoeroes

Vroeg in de ochtend halen we na een korte wandeling wederom een (fris ruikende) huurauto op en zetten we (na maar twee keer de ruitenwissers in plaats van het knipperlicht te hebben aangezet) koers richting het Lone Pine Koala Sanctuary: een beetje commercieel, maar wel erg leuk voor Quinn en Yzze. Blijkbaar is het voor sommige volwassenen echter ook een ultieme wens om dit park te bezoeken: als we een half uur na openingstijd arriveren, komt een hoogblonde meid al helemaal enthousiast met haar vriend naar buiten lopen. In haar handen heeft ze een foto van zichzelf met een koala. Ze is zo blij als een kind…! Quinn mag ook een koala vasthouden en samen voeren we de kangoeroes. In het begin is dat best eng, maar als Quinn merkt dat ze ècht niet bijten durft hij ook en is hij niet meer te stoppen. Yzze vindt de kangoeroes maar niks: ze zijn 2 koppen groter dan zijzelf, best beangstigend natuurlijk… 😉 Voor de talloze aanwezige leguanen is ze echter allerminst bang (en zij ook niet van haar!). Eéntje trekt ze zelfs bijna aan z’n staart! We doen nog een spelletje “papegaaien” met twee kaketoes die braaf alle (Engelse) woorden nazeggen die we ze toeroepen. Wij (en zij dus ook) sluiten af met een vrolijk “bye bye” en vervolgens stappen we in de bloedhete auto. Het temperatuurverschil met het zuiden is minstens 15 graden. Weer even omschakelen… Nog voor we de eerste bocht om zijn, liggen de kinderen al te slapen. Dit keer dus een rustige rit!

Zwemmen!

We zijn al bijna in Noosa als Quinn en Yzze weer wakker worden. Het resort waar we 2 nachten gaan verblijven is prachtig! Ons appartement heeft een supermoderne keuken met alles er op en er aan, 2 badkamers, 3 televisies en twee eigen terrassen. Hier zouden we best willen wonen! En dan hebben we het zwembad nog niet eens gezien: naast een bubbelbad en infinitypool mèt aangelegd strandje is er ook een zwembad met 2 glijbanen, een speciaal badje voor baby’s en peuters en een speeltuin. Ideaal! Het water is lekker warm en we vermaken ons prima. Maar als we uit het water komen, blijkt de wind toch wel erg fris… “Yzze lijkt wel een smurf!”, roept Quinn uit. En inderdaad, ze ziet letterlijk blauw van de kou. Snel een dikke handdoek om en in een lekker warm bad! Als we weer opgewarmd zijn, gaan we de boulevard bekijken. In de schemering wandelen we nog een kort stukje over het strand en zoeken vervolgens een gezellig restaurantje op. Yzze en Quinn worden aan het kleuren gezet en de tijd vliegt voorbij. Ondertussen moet Quinn wel twee keer naar het toilet (de tweede keer produceert hij slechts een druppeltje natuurlijk), omdat hier een heuse “plasgoot” is in plaats van een gewone WC! Ter afsluiting van deze leuke dag kan een lekker ijsje natuurlijk niet ontbreken!

Noosa National Park

De volgende ochtend maken we een mooie wandeling door het Noosa National Park. We kiezen voor de route naar Dolphin Point, die ook goed met de kinderwagen te doen is: hiermee besparen we Yzze een stukje oververhitting in de draagzak! 😉 We hebben een mooi uitzicht op zee, waarin hier blijkbaar vaak dolfijnen, schildpadden en walvissen te zien zijn. Helaas houden die zich voor ons verborgen vandaag… We zien wel een koala, héél hoog in een boom. Quinn heeft zin in “kip van een octopus” als avondeten, dus rijden we nog even naar de supermarkt voordat we weer het zwembad in duiken. De temperatuur is iets hoger dan gisteren, dus Gargamel hoeft ons niet te komen opzoeken vandaag! 😉 Yzze en Quinn spelen heerlijk op het aangelegde strandje terwijl wij genieten van een cocktail. Dit is echt vakantie!!

Krokodillen?

The Sunshine Coast doet zijn naam deze dag niet echt eer aan: de lucht is grijs en regelmatig valt er een stevige bui als we onderweg zijn naar Hervey Bay. De weg krijgt hierdoor een wat saaie en troosteloze aanblik. Gelukkig staan er borden langs de weg met quizvragen om ons te vermaken. Nu weten we onder andere wat het nationale dier van Queensland is (koala), wat de langste rivier in Queensland is (Flinders River) en wat het grootste eiland van Queensland is (Fraser Island). Die plek gaan we morgen bezichtigen: we zijn erg benieuwd! Eenmaal op onze plaats van bestemming lopen we een rondje door de haven. Ineens zien we een krokodil op een steiger liggen. Vast geen echte, denken we. Die zitten toch helemaal niet in dit water… Al lijkt hij toch stiekem best echt! Een stuk verderop zien we twee pelikanen zwemmen bij een bordje “Beware of crocodiles”. Zou het dan toch…? Enigszins vertwijfeld lopen we terug. Het beest ligt nog op de zelfde plek en in dezelfde houding. En als we ‘m vanuit een andere hoek bekijken kunnen we tot grote teleurstelling van Quinn maar één conclusie trekken: vet nep.

Fraser Island

Vandaag gaan we een dagtocht naar Fraser Island maken met Fraser Explorer Tours. Best spannend hoe dat met name met Yzze zal gaan: de hele dag in een bus met vreemde mensen er bij. We hopen dat ze zich een beetje zal gedragen… De voortekenen zijn niet zo goed als ze al om 5.15u. wakker wordt. We moeten dan wel vroeg vertrekken (7.30u.), maar zó vroeg nou ook weer niet! Yzze is zich echter van geen kwaad bewust en kletst volop terwijl ze mee “dribbelt” naar de bus die ons naar de ferry gaat brengen. We zijn een tikje overbeladen in vergelijking met de andere mensen die er staan: afgezien van zon- en zwemspullen voor 4 personen en wat eten en drinken sjouwen we namelijk ook braaf nog 2 autostoelen mee, zoals ons was opgedragen door de touroperator. Eenmaal aangekomen op Fraser Island begrijpen we al snel waarom dit geen overbodige luxe maar juist bittere noodzaak is! De zanderige wegen zijn namelijk nogal “hobbelig”, en dat is een zwaar understatement. We vliegen om de paar seconden zo’n 15 centimeter (niet overdreven!) de lucht in, ondanks de gordels….! Praten lukt ons nauwelijks door die heftige bewegingen, maar Yzze en Quinn krijgen het wel voor elkaar om zó hard te blijven schaterlachen bij iedere hobbel dat de hele bus er van kan meegenieten! En dat terwijl we toch echt helemaal achteraan zitten (wat uiteraard niet bevorderlijk is voor het aantal centimeters dat we omhoog vliegen…). Hoewel die hobbels aanvankelijk best lachwekkend zijn, is het ook wel vermoeiend om jezelf zo’n tijd krampachtig vast te moeten houden aan je stoel. Yzze krijgt het zelfs voor elkaar om een paar keer in slaap te vallen terwijl Felicia haar hoofd vasthoudt ter voorkoming van een whiplash!

Lekker spetteren

Onze humoristische chauffeur, die duidelijk gewend is om een 4-wheel drive bus op los zand onder controle te houden en tegelijk ook nog te praten, houdt de stemming er goed in. Aangekomen bij een hele steile smalle weg naar beneden, sommeert hij ons om onze ogen maar gewoon dicht te doen als we bang zijn. Terloops vermeldt hij vervolgens dat hij dat zelf ook gaat doen! 😉

Redelijk geradbraakt door de hobbels komen we na een half uurtje aan bij Lake McKenzie: één van de mooiste en helderste meren van het eiland. Hier mogen we uit de bus om te gaan zwemmen! Het water is inderdaad prachtig van kleur en het zand is kraakwit en onvoorstelbaar zacht. Yzze en Quinn zijn helemaal in hun element. Vooral Yzze, die sinds de hoge golven bij Bondi Beach een beetje bang geworden is voor de zee, vindt het prachtig dat hier geen golven zijn en spettert heerlijk in het rond. Voor we het weten is de tijd voorbij en stappen we weer in de op en neer denderende bus.

De chauffeur is ons net van alles over de omgeving en de geschiedenis van het eiland aan het vertellen, als Quinn ineens roept: “Ik heb zo’n buikpijn…”. Wijs geworden van onze ervaring bij de Great Ocean Road toveren we vliegensvlug een plastic zak tevoorschijn en houden deze onder zijn kin. Verbaasd kijkt Quinn ons aan. “Waarvoor is dat nu weer?! Ik heb gewoon buikpijn van de honger…!”. Maar goed dat we bijna gaan lunchen! Eerst stoppen we nog even voor een korte wandeling door het regenwoud met dikke bomen, kristalheldere beekjes en een gekke rups. We ademen diep in: zo ruikt frisse lucht dus!

Dingo’s

Na de lunch vervolgen we onze weg. Gelukkig gaat de bus dit keer stukken minder op en neer: we rijden een heel stuk over het parelwitte strand. Best bijzonder dat dat hier mag! Al snel zien we twee dingo’s rennen, wauw!! Overal wordt gewaarschuwd voor deze beesten. Ze zien er heel aaibaar uit en kijken je met smekende ogen aan alsof ze uitgehongerd zijn. In werkelijkheid zijn ze erg gevaarlijk en staan er zeer hoge straffen op het voeren er van. Volgens onze immer grappige chauffeur kun je het beste stilstaan en heel hard “DINGO!!!” roepen als je er één tegenkomt als je te voet bent. Niet omdat ze dan schrikken, maar wel omdat ze overdonderd worden door alle toeristen die vervolgens in een mum van tijd met flitsende camera’s om je heen staan! Bovendien moet je zorgen dat je nooit alléén ergens gaat lopen op het eiland. Als je namelijk toch besluit te gaan rennen in plaats van stil te blijven staan bij het zien van een dingo, kun je tenminste zorgen dat je harder rent dan de persoon die je bij je hebt om niet gebeten te worden… 😉

Vanaf grote hoogte..

Na een stuk gereden te hebben, stoppen we bij de Pinnacles (hoge kliffen van gekleurd zand) en bij het scheepswrak van de Maheno, die in 1935 op het strand is aangespoeld. Indrukwekkend om zo’n wrak van dichtbij te kunnen zien! Onze laatste stop van vandaag is bij Eli Creek, waar we nog even lekker het water in kunnen. Ondertussen zien we vliegtuigen opstijgen en weer landen, gewoon op het strand! Wat bijzonder! In de bus komt één van de piloten vragen wie er interesse heeft om een korte vlucht mee over het eiland te maken. Robbert-Jan hoeft hier niet lang over na te denken, en al snel daarna stijgt hij op! Vanuit de lucht is het eiland nog mooier dan vanaf de grond. Hij ziet onder andere een vlindervormig meer waar je niet met de auto kan komen, en bovendien spot hij in de zee een walvis met jong! Die walvis zien we ook vanuit de bus. Wel heel ver weg, maar toch prachtig!

Quinn en Yzze gedragen zich onderweg perfect. Aan het eind van de dag wordt Yzze duidelijk wat moe, maar ze vermaakt zichzelf vervolgens toch nog geruime tijd met spelen dat haar knuffelaapje haar teentjes op eet! Van diverse mensen krijgen we complimenten over hoe lief de kinderen zijn geweest. Pfff, onze “vrees” voorafgaand aan deze dag bleek dus gelukkig nergens voor nodig!

Honger

Vandaag hebben we een hele lange reisdag in het vooruitzicht: we moeten zo’n 5 uur rijden om in Rosslyn Bay te komen, een tussenstop op weg naar de Whitsunday Islands. De weg is behalve lang ook best wel saai, maar met de nodige E-nummers en de CD met vrolijke liedjes van Dirk Scheele komen we de tijd wel door. Ons hotel heeft een prachtige ligging in de baai en de kamer heeft uitzicht op zee. Dat geeft voldoening na zo’n lange rit! We nemen nog een duik in het zwembad en gaan vervolgens op zoek naar een restaurantje. Afgezien van het restaurant van het hotel (dat er in onze ogen niet heel aantrekkelijk uitziet qua prijs-kwaliteitverhouding) zijn er in Rosslyn Bay nauwelijks eetgelegenheden, dus besluiten we naar de nabijgelegen grotere plaats Yeppoon te rijden. Het is zaterdagavond, maar het lijkt echt uitgestorven! Er is nauwelijks iemand op straat, en meer dan de helft van de restaurantjes die we zien is dicht. Bij de tentjes die wèl open zijn, staat overal de TV aan of zitten we tussen de gokautomaten. Ook niet echt aantrekkelijk dus… Dan maar kijken wat de lokale supermarkt te bieden heeft aan take-away maaltijden. En wat blijkt: niks! De “mealdeal” die ze hadden, is net uitverkocht. De kosmos lijkt ons vanavond geen eten te gunnen… Uiteraard heeft Yzze het inmiddels helemaal gehad in de auto. Ze is moe van het stilzitten en heeft bovendien, net als wij, HONGER! Quinn ligt al te slapen op de achterbank. We voelen ons enigszins verloren en besluiten toch maar te kiezen voor onze laatste optie: terugrijden naar het hotel om daar te eten. Yzze gaat na tegemoetkoming van haar wens om een proteïnerijke maaltijd (“FLESJUHHH!!!”) te nuttigen snel haar bedje in, en Quinn nemen we mee naar het restaurant. Hij is best trots dat hij alleen met pappa en mamma mee uit eten mag, maar vraagt bezorgd of we wel de “microfoon” (= babyfoon) voor Yzze aanzetten. We stellen hem gerust en hebben nog best een gezellige avond, ondanks dat de door Felicia bestelde zalm in Rosslyn Bay toch echt een gefrituurde witvis schijnt te zijn….

Dode kangoeroes…

Wederom een erg lange reisdag vandaag, maar wel met een prachtige bestemming: Airlie Beach, de toegangspoort naar de Whitsunday Islands. Voordat we vertrekken speelt zich nog een klein persoonlijk drama af bij Quinn: de bal die hij net gekregen heeft, rolt vanaf het balkon de dakgoot in… Wat een ellende! Heel Rosslyn Bay staat op z’n kop! Gelukkig is een ladder snel gevonden en kan Quinn opgelucht ademhalend aan de autorit beginnen. Het landschap waar we vandaag doorheen rijden, is een stuk afwisselender dan dat van gisteren. De tijd lijkt daardoor meteen een stuk sneller te gaan! Wel liggen er zo veel dode dieren (met name kangoeroes) langs de weg dat we er een beetje verdrietig van worden… We zien er zeker 50, als het er niet meer zijn. Net als we denken dat we waarschijnlijk eerder zo’n beest op onze motorkap zullen hebben dan langs de kant van de weg zullen spotten, zien we in de verte een paar oortjes boven een veld met hoog gras uitsteken. De eerste levende kangoeroe die we zien in het wild is een feit! We speuren wat af en zien er al snel veel meer. Joehoe!!! Aangekomen in Airlie Beach wacht ons de volgende verrassing: we krijgen een gratis upgrade naar het penthouse van het resort! Geen idee waarom (wellicht omdat we dan in zo’n uithoek van het gebouw zitten dat de overige gasten geen eventuele hinder kunnen ondervinden van de kinderen?!) maar hé, “who cares”?! We hebben de beschikking over een enorme ruimte met een jacuzzi op het terras maar bovenal een formidabel uitzicht over de zee met in de verte de Whitsunday Islands. Wat wil je nog meer??

Whitsunday Islands

De volgende dag weten we maar al te goed wat we nog meer zouden willen: ZON! De regen komt namelijk met bakken uit de hemel… Zouden het voor ons dan echt de Wetrainday Islands worden in plaats van de Whitsunday Islands?? Hoewel niet alleen het hotelpersoneel maar ook het bordje bij de ferry èn de reisleiding voor de Thee Islands Tour ons wil laten geloven dat dit echt wel vaker voorkomt in de ochtend en het zeker een “nice day” gaat worden, hebben wij toch meer vertrouwen in de “Weer-app” op onze iPhone die voorspelt dat er de hele dag door minstens 80% kans op regen zal zijn op de eilanden die we gaan bezoeken… Maar we hebben geen keus: de trip is geboekt en kan niet worden verzet. We proberen deze teleurstelling om te denken door tegen elkaar te zeggen dat wij waarschijnlijk één van de weinige mensen op aarde zijn die deze prachtige groep eilanden alleen in stromende regen en dikke bewolking gezien hebben. Ook een unieke ervaring, toch?! De reisleiding lijkt inmiddels ook iets minder fiducie te hebben gekregen in de “nice-heid” van deze dag, want nog voor we vertrekken worden er grote paraplu’s uitgedeeld en wordt er nagedacht over een alternatief reisschema met meer mogelijkheden om te schuilen… Wat zou dat zonde zijn!! Uiteindelijk besluit de kapitein het er toch op te wagen en varen we uit naar Daydream Island. Onderweg vallen er hevige buien, maar eenmaal op het eiland blijft het wonder boven wonder droog. Door de dikke bewolking zien we echter vrijwel niets van de prachtige zee… Binnen kijken we nog even naar het aangelegde rif met daarin onder andere kleine haaien, roggen, Nemo’s en Dory’s. Quinn vindt het prachtig, maar ons bekruipt toch een beetje het gevoel van vergane glorie. Of zou het door het weer komen…? We maken nog een wandeling door de tuin van het resort en zien daar wallaby’s en kaketoes. Even verderop voeren we in zee de vissen, die van de in grote aantallen aanwezige meeuwen nauwelijks kans krijgen om te happen naar hun voer. Net als we op de ferry stappen om naar het volgende eiland te varen, valt er weer een fikse regenbui.

Hamilton Island

Na een dik half uur varen bereiken we Hamilton Island. De aanblik is niet bepaald wat we hadden verwacht van een “Whitsunday Island”: het heeft meer weg van Miami Beach (afgezien dan van de bewolking)! In de grote haven liggen talloze dure boten en er omheen zijn vele winkeltjes en restaurantjes. Overal zien we mensen rondrijden in iets wat nog het meeste weg heeft van golfkarretjes. Blijkbaar hèt vervoermiddel hier! We struinen even over de “boulevard” en gaan daarna lunchen. We verwachten een soort buffet lunch, zoals meestal bij georganiseerde excursies, maar dit keer eten we in een tentje waar we van de kaart mogen kiezen wat we maar willen! Dat laten we ons geen twee keer zeggen. Felicia en Robbert-Jan gaan voor de steak en Quinn voor de hamburger. Yzze eet ondertussen alle frietjes van ons op en kijkt vanaf Felicia’s schoot angstvallig naar de tientallen vogels die ons omringen om te zien of er per ongeluk misschien iets op de grond valt. Aangezien Yzze nogal een knoeipot is, hebben ze geluk! Zelf lijkt ze nog niet helemaal te beseffen dat ze het al dan niet dicht bij komen van deze “monsters” toch echt (letterlijk) zelf in de hand heeft!

Whitehaven Beach

Na afloop van de lunch belanden we in een flinke stortbui voordat we de ferry kunnen nemen naar het derde en laatste eiland van vandaag: Whitehaven Beach. Nog steeds noemt het bordje bij de ferry het een “nice day”. Inmiddels gelooft niemand het meer… De medewerkers van de ijskraam maken zelfs foto’s van de regen. Zoiets hebben ze hier nog nooit gezien! Onderweg gaat de boot zo hevig op en neer dat we even denken dat we weer op Fraser Island zijn! En dat gewiebel begint net op het moment dat Quinn besloten heeft dat hij NU toch echt moet poepen… De bemanning staat ondertussen bezorgd te kijken wie er een spuugzakje nodig heeft. De één na de ander steekt zijn hand op… Gelukkig blijft dat leed ons dit keer bespaard: Quinn is inmiddels wijselijk gaan liggen (en heel snel in slaap gevallen), en Yzze sliep al voordat we de haven uit waren. Zelfs Felicia is voor de verandering een keer niet zeeziek! Ondanks de heftige golven en harde regen verzekert de kapitein ons dat na de regen toch echt zonneschijn komt. Ze belooft ons dat het op Whitehaven Beach niet zal regenen. Tuurlijk. Maar…. ze krijgt gelijk! Vlak voordat we aankomen bij het prachtige witte strand op dit onbewoonde eiland wordt het droog. En na een aantal minuten breekt zelfs de zon heel eventjes door, hoera!! Dan zien we pas echt hoe mooi het hier eigenlijk is. Yzze is nog moe en blijft demonstratief op haar handdoek zitten, terwijl Quinn zich uitleeft met het graven van een gang plus bijbehorende kuil om hier water in te laten lopen vanuit de zee. Hij ziet er grappig uit in zijn “stingersuit”: een pak dat hem moet beschermen tegen de blijkbaar zeer gevaarlijke beten van een bepaald soort kwal die de wateren hier onveilig maakt. Een beet van dit beest zou zelfs nog dodelijker zijn dan de beet van een haai! Dan maar zo’n gek pakje aan. Gelukkig is dit nog niet echt het kwallenseizoen, maar “better safe than sorry”. De tijd vliegt voorbij en voor we het weten moeten we alweer terug naar de boot. Maar niet voordat we al het zand van onszelf en onze spullen hebben afgeklopt en op de boot nog in een bak water gestaan hebben. Het is namelijk zeer streng verboden om zand van Whitehaven Beach al dan niet per ongeluk mee te nemen. Dan bestaat dit unieke strand over een tijd namelijk niet meer… De terugvaart is gelukkig iets minder “rock and roll” zoals de kapitein het noemt dan de heenweg, en we genieten dan ook van de aan boord geserveerde grote muffins en (water)meloenen. Yzze laat de muffins links liggen, maar van de meloenen kan ze geen genoeg krijgen! Na ruim 2 uur varen bereiken we uiteindelijk de haven van Airlie Beach weer. Blij dat we de Whitsundays uiteindelijk toch nog met een heel klein sprankje zon hebben kunnen zien!

Speelgoed

We zetten koers naar Townsville. Het landschap onderweg is dor en droog, en we zien her en der een bosbrandje smeulen. Moeilijk om ons voor te stellen dat dit gebied in andere seizoenen blijkbaar regelmatig blijkt te overstromen, als we de borden langs de kant van de weg moeten geloven. Er staan indicatoren zodat men bij een eventuele “flooding” kan bepalen wat de diepte van het water is. Ze reiken tot 2 meter hoogte. Zou het echt wel eens zo erg zijn? Onderweg lachen we om de uitspraak van de Engelse straatnamen door de Nederlandse stem van het navigatiesysteem. Hij leert het maar niet, terwijl we ‘m toch steeds weer verbeteren! Zou Louis van Gaal dit hebben ingesproken?! 😉 Na enige tijd bereiken we onze eindbestemming, de tweede grootste stad van Queensland. Dat lijkt het heel wat, maar wij zouden het eerder een groot dorp noemen. Quinn is een beetje uitgekeken op het speelgoed wat we voor hem hebben meegenomen, en daarom kammen we de winkelstraatjes uit op zoek naar een zaakje waar we iets van speelgoed voor hem kunnen kopen. Niet te vinden! We besluiten daarom maar naar de waterspeeltuin te lopen, die aan de boulevard ligt. Dicht vandaag! Wat een pech… We nemen een taxi terug naar het hotel, want stiekem hebben we al een heel eind gelopen zonder het gewenste resultaat. Die hele weg weer teruglopen lijkt ons niet zo’n goed plan met twee vermoeide kids… In een winkelcentrum op wat grotere afstand van het centrum vinden we uiteindelijk gelukkig toch nog een doosje LEGO voor Quinn, waar hij zo blij mee is dat hij zelfs geen tijd meer heeft om de door hem inmiddels zo geliefde calamares te eten. Zelf genieten we ondertussen wèl van een groot visplateau dat we gehaald hebben in een zaakje aan het strand. Ook Yzze smult lekker mee en proeft haar eerste inktvisring!

Magnetic Island

De volgende ochtend zitten we al vroeg wéér op een ferry. Dit keer de ferry die ons naar Magnetic Island zal brengen, een eiland vlak bij Townsville. Eenmaal aangekomen halen we een huurauto op (meenemen van onze eigen huurauto op de ferry was duurder) en rijden we in ongeveer 15 minuutjes naar Horseshoe Bay aan de andere kant van het eiland. Helaas is men daar uitgebreide werkzaamheden aan het verrichten, zodat we weinig kunnen zien van het strand. Op andere plekken in de buurt mogen huurauto’s niet komen vanwege de slechte wegen, dus rijden we maar weer een stukje terug. We belanden in Alma Bay, een rustig baaitje met een speeltuin. De kinderen vinden de speeltuin stukken interessanter dan de zee, en we beginnen ons af te vragen waarom we niet gewoon naar het speeltuintje om de hoek zijn gegaan! 😉 Uiteindelijk wagen beiden zich toch op het kiezelstrand, hoewel dat natuurlijk alles behalve lekker loopt en ligt! Robbert-Jan probeert wat te snorkelen, maar ziet vrijwel niks door al het zand wat omhoog komt door de golven. Jammer!

Uitgestorven…

Na ruim een uur rijden we verder naar Picnic Bay, om te kijken of daar een restaurantje is om wat te lunchen. Alles dicht en niemand te bekennen… Dan maar naar Nelly Bay, waar een leuk bakkertje zou moeten zijn. Helaas: vandaag dicht vanwege het plaatsen van een nieuwe oven… Er zit niks anders op dan broodjes halen bij de lokale supermarkt! Ze hebben daar echter van broodjes nog nooit gehoord, dus lunchen we deels lekker onverantwoord met wat koekjes / cakejes en fruit aan het strandje van Geoffrey Bay. In zee zien we nog een paar vissen zwemmen, maar dat zijn dan ook de enige dieren die zich vandaag aan ons laten zien. Blijkbaar geen goede dag om Magnetic Island te bezoeken… We nemen op tijd de ferry weer terug naar Townsville, zodat we nog wat kunnen uitrusten voordat we vanavond uit eten gaan.

Flying foxes

Net voordat het donker wordt, lopen we langs het strand op weg naar een restaurant. Boven ons hoofd zien we ineens een grote vleermuis vliegen: een “flying fox” zoals ze die hier noemen. En er volgen er steeds meer! Quinn is erg gefascineerd door deze toch wel indrukwekkende (enge) beesten en kan niet stoppen met blijven kijken. Iets later dan de bedoeling was, nemen we plaats aan een tafeltje in het gezellig drukke eettentje Longboard Bar & Grill. We zitten achter in een hoekje, wat op zich niet erg is gezien het volume van Yzze, maar wat wel tot gevolg heeft dat we een beetje vergeten worden! Het is daardoor al erg laat als we uiteindelijk weer naar buiten lopen. De vleermuizen zijn er nog steeds, en vliegen continue over onze hoofden. We sluiten de dag af met een welverdiend ijsje en gaan daarna snel ons bed in!

Benzine

Aangezien het hier al erg vroeg licht is, zijn Quinn en Yzze inmiddels weer ver voor hun gebruikelijke tijd wakker. Dat betekent in dit geval ergens tussen 5 en 6 uur… Best vroeg in de vakantie! Aan de andere kant geeft dat ons dagelijks voldoende tijd om alle leuke dingen te zien en te doen die we maar willen! En we hoeven nooit te haasten… Het geeft dus helemáál niks als we er drie kwartier over doen om een tankstation te vinden, zoals vandaag… Bij de eerste vier locaties die we met behulp van het navigatiesysteem hebben opgespoord, is van alles te vinden maar niet wat we zoeken… Grrr! Het metertje begint te tikken, maar gelukkig vinden we (zonder gebruik van het navigatiesysteem) uiteindelijk toch op tijd een benzinepomp.

Say cheese…

We reizen vandaag naar de Atherton Tablelands, een groot natuurgebied waar we gaan slapen in een boomhut. Quinn verheugt zich er erg op! Eenmaal onderweg slapen de kinderen al snel (want stiekem waren ze toch nog best wel moe!) en kunnen we goed doorrijden door de prachtige groene en heuvelachtige omgeving. Toch is de afstand te groot om zonder tussenstop te overbruggen. Ergens midden op een slingerweggetje zien we één van de weinige bordjes staan die ons leidt naar een plek om iets te drinken en onze benen te strekken. We komen uit bij een hele leuke kaasboerderij, waar door de aanwezige koeien wel 3000 liter melk per dag geproduceerd wordt. En daarvan maakt de boerin lekkere dingen, zoals milkshakes en cheesecake. Dat moeten we natuurlijk proeven!

Aangevallen!

We hoeven daarna nog maar een klein stukje te rijden voordat we het Rose Gums Wilderness Resort bereiken: een prachtige locatie midden in het tropisch regenwoud. De “bush turkey’s” komen ons tegemoet rennen als we richting de receptie rijden. Terwijl we eenmaal binnen staan te wachten, lopen er twee eenden richting de deur. Quinn, een echte dierenvriend, wil meteen naar buiten om ze van dichterbij te bekijken. Een paar seconden later horen we heftig geschreeuw en gehuil: de eenden vallen hem aan, omdat ze graag naar binnen willen en hij in de weg staat… Wat een schrik!

Platte poes

Gelukkig is Quinn zijn verdriet snel vergeten als hij ziet dat we inderdaad in een echte boomhut slapen. Er zijn geen andere huisjes te zien, en overal om ons heen klinken bijzondere vogelgeluiden. Ook zouden we hier het vogelbekdier (“platypus” in het Engels, door Quinn al snel omgedoopt tot “platte poes”) kunnen spotten, wauw!! Vanuit het resort zijn er diverse lange en minder lange wandelingen uitgezet door het regenwoud, onder andere één naar de beek waar dit unieke beestje zich vaak schuil houdt. De meeste kans om ‘m te zien is aan het begin of aan het eind van de dag, dus rond 16 uur besluiten we te vertrekken. Quinn gedraagt zich als een echte speurneus en loopt vol enthousiasme voor ons uit! Felicia stelt nog voor om met hem en Yzze een kortere wandeling te maken, maar daar wil hij niks van weten: hij wil zo veel mogelijk dieren zien, en hoe langer je wandelt hoe meer kans! Vooral het laatste steile en glibberige stuk van de tocht is best een uitdaging met een dreumes in een draagzak en een kleuter wiens motoriek natuurlijk ook nog niet zo verfijnd is als die van een volwassene… Maar we bevinden ons in een mooie omgeving en het is een leuke uitdaging! We laten ons zakken tot helemaal bij het beekje en speuren onafgebroken het water af. Maar hoe goed we ook ons best doen: de “platte poes” laat zich vanmiddag niet zien… Gelukkig hebben we morgen nog een volledige dag hier met kans op succes en we besluiten voordat het donker wordt terug te lopen. Felicia zet er met Yzze op haar rug flink de pas in en loopt een stuk voor Robbert-Jan en Quinn uit. Aangezien we hier waarschijnlijk geen “groot wild” zullen tegenkomen, speurt ze naar spinnen en slangen. En net op dat moment valt er van boven af iets in haar nek! Van schrik slaakt ze een kreet, die Robbert-Jan een stuk verderop natuurlijk gehoord heeft. Ook hij schrikt zich hierdoor rot en komt aangerend, met Quinn hijgend achter hem aan. Gelukkig ligt er geen slang in de nek van Felicia, en ook andere enge beesten zijn in de wijde omtrek niet te bekennen… Wat het dan wel is geweest? We zullen het nooit weten… Robbert-Jan lijkt vandaag de enige te zijn die niet is aangevallen. Met de nadruk op “lijkt”: eenmaal terug in onze hut plukt hij tot afgrijzen van Quinn twee flinke bloedzuigers van zijn voet!

Wat een beesten…

Robbert-Jan vertrekt vanochtend in alle vroegte (zelfs nog voordat Quinn en Yzze wakker zijn, kun je nagaan hoe vroeg dat is…) om nog een keer te speuren naar het vogelbekdier, maar tevergeefs. Aangezien we waarschijnlijk zelden tot nooit meer de kans krijgen om dit bijzondere dier in het wild te zien, besluiten we naar een andere plek vlakbij te rijden waar hij zichzelf blijkbaar nog wel eens wil laten zien. Nadat we Quinn er zo’n vijfentachtig keer van hebben proberen te overtuigen dat er ècht niet zomaar bloedzuigers op hem komen, durft hij het er na de zesentachtigste keer op te wagen om een paar stappen buiten de deur te zetten. Weliswaar met zijn sokken opgetrokken tot aan z’n knieën, maar dat terzijde. Snel stapt hij de auto in! Helaas hebben we wederom geen vogelbekdiersucces… Dan maar proberen om een zogenaamde boomkangoeroe te zien: die stond ook nog op ons wensenlijstje. En dat lukt wèl, dankzij de aanwijzingen van de locals! Quinn is zeer verontwaardigd: “Het zijn helemaal geen kangoeroes, het zijn apen!”. We moeten toegeven dat we zelf ook vinden dat ze daar het meeste op lijken…

Gevonden!

Het is wederom erg warm vandaag. Ondanks dat we meer zin hebben om iets kouds te drinken, gaan we voor thee. We zijn namelijk beland bij een heuse theefabriek, waar we zo ongeveer alle smaken thee kunnen proeven die je maar kan bedenken. Quinn neemt er een scone bij, en Yzze gaat voor de “koeka”. Daar schreeuwt ze al om vanaf het moment dat ze binnen een trommel met chocoladekoekjes heeft zien staan, waardoor zelfs de Australische serveerster de niet zo stille hint duidelijk begrepen heeft!

We besluiten verder te rijden naar een plek waar we gisteren een bord met “Platypus HERE in the wild” hebben zien staan. We zijn namelijk nog steeds “op jacht”! Volgens de vrouw die we treffen is de kans 90% dat we ‘m daar gaan zien. Een héél stuk groter dus dan de kans dat we de hoofdprijs winnen bij de Postcodeloterij. Ze adviseert ons om gewoon te praten, maar vooral níet te wijzen en géén paraplu’s te gebruiken tegen de zon. Daar schrikken deze diertjes namelijk van, en dan laten ze zich voorlopig niet meer zien. We zijn geen Japanners, dus dat laatste advies kunnen we gemakkelijk opvolgen. Praten is met name voor Quinn geen probleem, dus het eerste punt is ook afgecheckt. Nu nog zorgen dat we niet wijzen, en dat is in de praktijk erg lastig als je enthousiast bent! Gelukkig blijken we in eerste instantie naar een schildpad te wijzen… Niet wat we zoeken, maar wel mooi meegenomen. We turen nog even verder, en uiteindelijk wordt ons doorzettingsvermogen dan toch beloond: we zien regelmatig wat kringen en belletjes in het water, en daarna volgt niet één, maar volgen wel vier vogelbekdieren verspreid over de beek! Super!!

Enigszins tot onze verbazing staat Quinn na een korte siësta te popelen om nóg een wandeling te gaan maken. Dit keer gaat onze tocht naar een waterval. Hoe meer omgewaaide bomen we tegenkomen om overheen te klimmen en hoe steiler de afdalingen, hoe leuker hij het vindt. Wij zelf denken onderweg vooral aan de terugtocht, die vast niet gemakkelijk zal worden. De waterval is minder spectaculair dan we hadden gehoopt, maar toch een mooie plek om even uit te rusten en ons geestelijk voor te bereiden op de klim die zal gaan volgen… Hoewel Quinn een paar keer zucht en steunt dat zijn energie nu ècht op is en zijn benen ècht niet meer kunnen lopen, heeft hij halverwege de terugweg ineens een lumineus idee: hij zet gewoon zijn “raketaandrijving” aan. Dat schiet lekker op!

Moe maar voldaan schuiven we ‘s avonds aan in het restaurant van Rose Gums. Zo te zien aan alle certificaten en diploma’s die aan de muren hangen, is de kok nogal goed in zijn vak. En dat proeven we ook! Hoewel Yzze het zoals wel vaker deze vakantie alleen bij frietjes houdt, smult de rest heerlijk van al het lekkers wat op tafel komt. In het pikkedonker gaan we terug naar ons bed in de boomhut, waar we voorlopig voor de laatste keer genieten van alle nachtelijke regenwoudgeluiden.

Granite Gorge

Vandaag hebben we maar een kort ritje voor de boeg naar Trinity Beach in de buurt van Cairns, onze laatste bestemming in Australië. We brengen daarom eerst nog een bezoek aan Granite Gorge, waarvan ons is verteld dat het een “must see” is als je kinderen bij je hebt. We worden hartelijk verwelkomd door een vrouw die ons meteen een slang en een ander reptiel (waarvan we de naam niet kunnen reproduceren) in onze handen wil drukken. Robbert-Jan is de enige held die zich laat verleiden om ze vast te houden, terwijl de anderen met een mengeling van afgrijzen en nieuwsgierigheid toe staan te kijken. Ze aaien durven we uiteindelijk allemaal wel: wat voelen ze onverwacht zacht! We lopen verder richting de minder enge beesten: de “rockwallaby’s” die we mogen voeren! Voor Quinn blijken ze echter minstens net zo eng als de slang. Aangezien we de eerste bezoekers van de dag zijn, vallen de beestjes behoorlijk aan op het voer wat we ze voorhouden! Hoewel ze ons geen pijn doen, vechten ze er met elkaar om. Quinn staat er huilend tussen met zijn handen in de lucht, terwijl hij roept: “Eten is op, eten is op!”. Yzze bekijkt het tafereel van veilige afstand vanuit de draagzak op de rug van Robbert-Jan. Snel vervolgen we onze weg. De route voert over enorme stenen en rotsen waar watertjes tussendoor lopen. Wederom moeten we flink klimmen en ons goed vasthouden. Dit is helemaal niet eng, vindt Quinn. Stoer juist! Eenmaal weer veilig terug genieten we van een ijsje voordat we in de hete auto stappen.

Babybedje

Aangekomen in ons appartement in Trinity Beach voeren we eerst een flinke discussie met de receptioniste over de prijs die ze hanteren voor de huur van een babybedje. Op de andere locaties waar we zijn geweest hoefden we nergens te betalen voor zo’n bedje, terwijl we hier omgerekend ruim 40 Euro extra zouden moeten afrekenen! Bovendien is het bedje niet eens voor ons opgemaakt, maar gewoon als pakketje in de gang neergelegd. Niet reëel, vinden wij. Een korte zoektocht op internet leert ons dat we zelfs in het dure Australië voor minder geld een volledig nieuw bedje zouden kunnen kopen! Uit principe besluiten we dan ook om het bedje te weigeren, en Yzze beleeft haar slaapprimeur in een groot bed. Ze vindt het geweldig! Tenminste, zo lang we bij haar blijven tot ze slaapt. Anders staat ze in een mum van tijd met een brede glimlach weer bij ons in de woonkamer… Maar goed, voor een besparing van ruim 40 Euro willen we best 5 dagen 10 minuutjes naast haar liggen! 😉 Nadat Yzze prins(es)heerlijk haar middagdutje gedaan heeft, nemen we een duik in het zwembad van het complex. Lekker, die verkoeling! Quinn oefent vast allerlei kunsten die hij zal moeten gaan vertonen als hij over een maandje op zwemles gaat, en Yzze danst vrolijk rond in het ondiepe gedeelte.

Uit eten

Na al dat gespetter hebben we zin om uit eten te gaan, en wandelen we een klein stukje richting de kust. We vinden een gezellig Italiaans restaurantje met uitzicht op zee. Hoewel we dit keer niet in een hoekje maar juist midden in de zaak zitten, worden we door de drukte alsnog vergeten. Pas na een klein uur krijgen we ons mandje brood met kruidenboter wat we voorafgaand aan ons hoofdgerecht zouden krijgen… Het is daardoor wederom een lange zit voor met name Yzze, die zich dit keer niet laat paaien met speelgoed of spelletjes op de iPhone. Dan maar op schoot! Dat eet iets minder handig, maar goed. Na dat lange wachten smaakt de bestelde pizza en pasta wel extra lekker!

Spannend!

De nieuw aangebroken dag wordt een spannende maar vooral ook leuke dag voor ons allemaal: Robbert-Jan gaat duiken en snorkelen, en Felicia gaat met Quinn en Yzze varen in een glazenbodemboot en in een soort van onderzeeër! In de vroege ochtend vertrekt Robbert-Jan met een shuttle naar Port Douglas. Daar aangekomen stapt hij over op een groot jacht waar hij meteen zijn slippers moet inleveren. Daar krijgt hij dan gelukkig wel een duikbril en flippers voor in de plaats! Het verzamelpunt voor iedereen die een introductieduik gaat maken, is benedendeks in het midden van het jacht. Na een korte introductie begint de vaartocht van ongeveer 1,5 uur. Als de volle oceaan wordt aangedaan, begint de instructie voor de introductieduik. Heerlijk schommelen daar beneden…. En precies op het ruigste moment van de tocht wordt Robbert-Jan gevraagd om een contract op een pagina vol kleine lettertje te lezen en vervolgens te ondertekenen. Met het oog op het voorkómen van zeeziekte zet hij blind een krabbel… Dat zullen vast meer mensen doen en gedaan hebben, de omstandigheden in aanmerking genomen! Na alle formaliteiten worden de duikgroepen bekend gemaakt. Helaas… Robbert-Jan staat niet op de kaart… Na kort overleg wordt dit gelukkig prima opgelost en aangekomen bij het Great Barrier Reef mag hij al meteen bij de eerste van drie locaties gaan duiken. Eenmaal in het water worden de broodnodige oefeningen gedaan om deze duik te overleven. Vervolgens is het tijd om rustig naar een diepte van een meter of zeven af te zakken. Het zicht, de vissen en het koraal zijn fantastisch! Plotseling schiet er een rifhaai voorbij, wauw! Zo’n 30 minuten later is iedereen weer terug aan boord en heeft Robbert-Jan de smaak te pakken: direct boekt hij nog een duik voor later op de dag. Ook deze plek is geweldig! Op de derde locatie maakt hij tenslotte nog een prachtige snorkeltocht. Het rif op deze plek zit vlak onder de oppervlakte van de zee, waardoor de zon het koraal en de vissen erg mooi verlicht. En jawel, ook hier weer een rifhaai gespot! Na deze enerverende dag is het veel te snel tijd om weer terug richting Port Douglas te gaan. Een fantastische ervaring rijker!

Cassius

Ondertussen zitten Felicia, Quinn en Yzze op de boot die hen naar Green Island gaat brengen. Dit tochtje verloopt gelukkig iets minder heftig dan de boottocht naar Whitehaven Beach! Eenmaal op het eiland lopen we eerst richting Marineland Melanesia, waar we krokodillen kunnen bewonderen. Er is nog veel meer te zien en doen onderweg, maar Quinn gaat recht op z’n doel af: hij wil zo snel mogelijk naar Cassius, een zoutwaterkrokodil van bijna 5,5 meter lang. Dit reusachtige beest heeft de twijfelachtige eer om de grootste krokodil te zijn die in gevangenschap leeft, en zit blijkbaar al 30 jaar hier in een (veel te klein) hokje met wat water. Maar hoe sneu we dat ook vinden, we zijn desondanks toch blij dat we zo’n kolos niet in het wild zijn tegengekomen tijdens het pootje baden! Een brutale vogel waagt het om ongeveer naast de bek van Cassius te landen. Onze videocamera begint meteen te draaien in de veronderstelling een echte “kill” te gaan zien, maar Cassius draait zich met veel moeite nog eens om in zijn hok en kijkt de andere kant op. Hij mag dan gebrek aan ruimte hebben: gebrek aan eten heeft hij blijkbaar niet. Of zou die vreemde vogel te taai geweest zijn voor zijn oude gebit…?! Al snel is het tijd voor het volgende avontuur: we gaan de zee op! Of beter gezegd: de zee in. We stappen aan boord van een heuse semi-onderzeeër. Quinn snapt er niks van: als we hier aan boord gaan en die boot onder water gaat, worden we toch hartstikke nat? Dat wil hij niet hoor! Het woordje “semi” begrijpt hij duidelijk nog niet, maar na enig speurwerk ontdekt hij dat we via een smal trapje naar beneden kunnen en ons dan ineens midden tussen de vissen bevinden. En we blijven gewoon droog! Wat een wonder… Zowel hij als Yzze kijken hun ogen uit. Talloze vissen in allerlei kleuren zwemmen voorbij. Het lijkt wel of we ze kunnen aanraken! Uiteraard zien we ook een paar Nemo’s, tot groot plezier van Quinn. Hier leven ze dus echt! Yzze kan niet stoppen met het roepen van “visssjes, visssjes!”, en voor we het weten is onze tijd onder water alweer voorbij. Gelukkig hebben we nog wat tegoed: het varen in een boot met glazen bodem. Helaas blijken we vanuit deze positie de vissen toch iets minder goed te kunnen bewonderen dan vanuit de semionderzeeër, maar dat mag de pret niet drukken. We genieten gewoon lekker na van al het moois wat we hebben gezien! Eenmaal weer in ons appartement zijn de kinderen zo moe van alle indrukken dat ze vrijwel de hele middag slapen. Helaas is er daardoor geen tijd meer om nog te gaan zwemmen, maar morgen is er weer een dag!

Kabelbaan

Op nog geen 10 minuutjes rijden van ons appartement bevindt zich de opstapplaats van Skyrail: de kabelbaan die ons deze dag naar Kuranda gaat brengen. In een gondel maken we een tocht over de boomtoppen van het Nationaal Park Barron Gorge. We hebben gekozen voor een “Diamond View Gondola”, wat wil zeggen dat de bodem van onze gondel van glas is. Quinn en Yzze vinden het erg grappig dat ze daar gewoon op kunnen staan, maar naarmate we hoger komen is het ook wel een beetje spannend! We stoppen onderweg twee keer voor een korte wandeling door het regenwoud naar een aantal uitkijkpunten, waar we onder andere een grote waterval kunnen bewonderen.

Didgeridoo

Eenmaal aangekomen in Kuranda wandelen we rustig door het gezellige dorpje. Er zijn veel kleine galerieën waar men kunst van de Aboriginals verkoopt, en ook zijn er genoeg plekjes te vinden om wat te eten of te drinken. Uiteindelijk belanden we in een eettentje waar de leguanen gezellig bij ons komen liggen. Robbert- Jan besluit dat we een lunchplateautje met krokodil, emoe en kangoeroe gaan bestellen, en dat terwijl hij het een paar minuten daarvóór nog zielig vond dat er kangoeroehuiden te koop aangeboden werden in een winkel om de hoek… Hoe dan ook: het smaakt best! Zelfs Quinn en Yzze smullen mee.

Terwijl we terugwandelen naar het station komen we langs een plek die we niet links kunnen laten liggen: een didgeridooshop genaamd “Jimmy’s Didges”. Jimmy blijkt een (zelfs in Europa) erg bekende Didgeridoo speler te zijn, die ook regelmatig optredens in Nederland geeft. We hebben al talloze didgeridoo’s gezien en hadden al besloten dat we er eentje mee naar Nederland zouden willen nemen, maar deze zijn wel ècht heel mooi. Al snel blijkt waarom: dit zijn originele didgeridoo’s, beschilderd door Aboriginals. De meeste andere winkels verkopen namaakvarianten die gewoon in een fabriek geproduceerd zijn. Uiteraard willen wij gaan voor een handbeschilderde, waarvan het hout afkomstig is van een Eucalyptusboom en volledig door termieten is uitgehold. Jimmy laat ons het indrukwekkende geluid van diverse didgeridoo’s horen, en uiteraard mogen we zelf ook even spelen. “Gewoon blazen als een paard!”, spoort hij ons aan in zijn grappige Engels met een duidelijk Frans accent. Uiteindelijk lukt het Robbert-Jan en zelfs Quinn om er geluid uit te krijgen, maar meer dan dat is het ook niet. Nog even oefenen dus! Om mee te nemen naar Nederland kiezen we een mooie didgeridoo uit waar onder andere een vogelbekdier op geschilderd is. Voordat deze zorgvuldig ingepakt wordt, biedt Jimmy aan om ons een filmpje te laten maken van hem als hij uitleg geeft over de herkomst van het door ons gekozen instrument. Uiteraard brengt hij daarna ook meteen zijn muzikale talent er op ten gehore. Wat leuk!

Uit eten

Voldaan stappen we in de nostalgische trein die ons terug gaat brengen naar Cairns. Voor we het weten liggen Quinn en Yzze te slapen! Jammer van de mooie omgeving die ze nu missen, maar wel verstandig na zo’n dag. Eenmaal weer terug op de plaats waar we vanochtend vroeg vertrokken zijn, besluiten we nog even naar het winkelcentrum te gaan wat hier vlakbij is. Er is ons verteld dat het ontzettend groot is, dus we hopen hier een beetje te kunnen shoppen: misschien wat leuke kleding voor onszelf of de kinderen, zodat we eenmaal terug in Nederland eens wat anders kunnen dragen dan “de massa”. Ook zoeken we nog souvenirs voor het thuisfront, dus leuke winkels zijn welkom! Helaas blijkt het winkelcentrum niet geheel te voldoen aan onze (te hoog gespannen?) verwachtingen. Snel doet Felicia daarom wat inkopen in de enorme supermarkt terwijl Robbert-Jan, Quinn en Yzze zich vermaken in de ernaast gelegen speeltuin. Vervolgens rijden we richting zee om daar een hapje te eten op het strand. Helaas waait het zo hard dat we Quinn het eerder beloofde “picknickdiner” op een kleedje op het strand moeten ontzeggen: we hebben weinig behoefte aan zandhappen! Gelukkig zijn er wat picknicktafels vlak bij zee waar hij ook genoegen mee neemt. De mega grote hamburgers en verse friet smaken heerlijk. Niet zo gezond, maar ach, voor een keertje…

Krokodil?

Een heerlijk zonnige dag vandaag! We hebben een tochtje van 2 uur voor de boeg naar een prachtig gebied waar allerlei dieren rondlopen, vliegen en zwemmen. Het ligt diep verstopt in het Daintree National Park in het tropische noorden van Australië en we moeten dus best een eindje rijden om er te komen… Gelukkig is er genoeg moois te bewonderen op de weg er naartoe, en sneller dan verwacht bereiken we de plaats waar een ouderwetse kabelpont ons over de Daintree River verder de jungle in kan brengen. Maar dat willen we nog niet! We gaan namelijk eerst speuren naar krokodillen… Spannend!! Helaas staat het water erg hoog deze ochtend, waardoor de krokodillen kans genoeg hebben om zich goed te verstoppen. En dat doen ze dan ook. Op een klein babykrokodilletje van nog geen 40 cm. lang na, laten ze zich niet aan ons zien… Gelukkig mogen we aan het eind van de middag terugkomen om nog een poging te wagen. Nu eerst de jungle in! Stiekem hopen we een Kasuaris te spotten: een met uitsterven bedreigde grote vogel waarvan er nog maar enkelen in Australië voorkomen. De kans dat wij er nu eentje gaan zien is natuurlijk klein, hoewel er langs de weg wel regelmatig bordjes staan met “recent crossing”. We houden stiekem dus een beetje hoop!

Kasaurius

Over de Cape Tribulation Road rijden we steeds verder het regenwoud in. De ijsboerderij die we passeren, kunnen we natuurlijk niet links laten liggen. We genieten van maar liefst 4 bollen ijs per persoon. Per bol bestellen kan namelijk niet, wat jammer nou…! Na zo’n heerlijk tussendoortje besluiten de kinderen dat het tijd is om een dutje te doen. We rijden daarom in één keer door naar Cape Tribulation: een landtong in het National Park en meteen ook het meest noordelijke puntje waar we met een gewone auto nog mogen komen. Een unieke plek, omdat maar liefst twee werelderfgoederen elkaar hier ontmoeten: het Daintree Rainforest en het Great Barrier Reef! Het strand is dan ook prachtig, en het wordt nog specialer omdat hier een bepaalde soort krabbetjes leven die erg mooie zandtekeningen blijken te maken. We zijn onder de indruk! Quinn en Yzze vermaken zich prima met de kleine laagjes water tussen de zandbanken in, totdat ze er uitzien als echte zandmonsters. Na ze grondig afgeklopt te hebben, stappen we de auto weer in om de rest van de jungle te verkennen. Helaas nog steeds geen Kasuaris gezien… De afslag naar Cow Bay rijden we per ongeluk voorbij, en dat terwijl we niet zo veel tijd meer hebben voordat de boot opnieuw vertrekt in een ultieme poging om nog krokodillen te spotten… Toch besluiten we om te keren en de afslag alsnog te nemen. Cow Bay is niet ver meer van ons vandaan, en het zou nog net moeten kunnen lukken om ook dit mooie strandje mee te pikken. Ineens ziet Felicia in een flits iets lopen op een zijweggetje. Zou het dan toch…?! Na een luid: “Ja!! Dat was er één!!” weet Robbert-Jan niet hoe snel hij de auto in zijn achteruit moet zetten. En ja hoor, daar loopt dan “onze” Kasuaris. Statig paradeert hij over het paadje en kijkt verstoord onze kant op. Het liefst zouden we ‘m uiteraard van dichtbij bewonderd hebben, maar we houden wijselijk afstand: deze beesten kunnen blijkbaar behoorlijk agressief zijn! Al snel houdt de vogel ons voor gezien en verdwijnt hij in het dichte struikgewas. Jammer, maar deze ervaring neemt niemand ons meer af!

Krokodil!

Ondanks de “vertraging” die we hebben opgelopen door het bewonderen van de Kasuaris, bereiken we toch op tijd de plek waar de boot ons gaat oppikken voor de tweede krokodillentocht van vandaag. We hebben met de eigenaresse afgesproken dat we aan de overkant van de rivier wachten, omdat we op die manier iets meer tijd in het National Park zouden kunnen doorbrengen dan wanneer we eerst weer de oversteek met de kabelpont zouden moeten maken. Helaas blijkt ze dat even vergeten te zijn, en tot onze verbazing en frustratie zien we de boot vertrekken in de verkeerde richting! Wat nu?? Gelukkig zijn er in de buurt wat mannen aan de weg aan het werken, en na het zien van onze wanhopige blik aarzelen ze geen moment: één van hen pakt zijn telefoon en belt met het nummer wat we toevallig ergens op een briefje hebben gekrabbeld. Een paar seconden later zien we de boot omkeren. Gelukkig, onze kans op krokodillen is nog niet verkeken! Na een kleine 10 minuten kunnen we dan alsnog aan boord. Dit keer hebben we meer geluk: al snel zien we verse sporen in de modder en een stukje verderop spotten we dan eindelijk de rug van een grote krokodil! Quinn speurt verder en geniet. Yzze is, na een keer “kokodil” geroepen te hebben, vooral bezig met het open en dicht draaien van een waterflesje. De overige krokodillen die we tegenkomen, gaan dan ook compleet aan haar voorbij… Na een dik uur zit onze tocht er op. Moe en voldaan rijden we terug naar Trinity Beach. Onderweg zien we een prachtige volle maan opkomen boven de zee. Wat een leven….!

Speelpret

Onze laatste volledige dag in Australië brengen we ontspannen door. Om 8 uur ‘s ochtends liggen we al in het zwembad, en ‘s middags gaan we naar Muddy’s Playground: een super leuke (water)speeltuin aan de boulevard van Cairns waar de kinderen zich lekker kunnen uitleven. Terwijl Yzze voorafgaand aan dit speelplezier nog even slaapt in de buggy, lopen wij door Cairns in de hoop eindelijk een fatsoenlijke winkeltjes tegen te komen waar we nog wat souvenirs voor de kinderen en voor het thuisfront kunnen kopen als aandenken aan deze geweldige reis. Tot nu toe hebben we namelijk nog niks geschikts gevonden… Hoewel het gevonden winkelcentrum onze verwachtingen overtreft, heeft het weinig te bieden op souvenirgebied. Onze laatste hoop is daarom gevestigd op de winkeltjes op het vliegveld, want nu gaan we toch echt naar de speeltuin! Eenmaal daar aangekomen weten Quinn en Yzze niet hoe snel ze zich moeten (laten) omkleden: wat een feest! Ze kliederen en spetteren lekker in alle watertjes. Heerlijk, die verkoeling op een warme dag. Toch beginnen we na een tijdje een beetje honger te krijgen. Het is dan ook al bijna etenstijd! We gaan op zoek naar restaurant Bushfire Flame Grill, waar we goede recensies over gelezen hebben (lang leve internet). Het duurt even voordat we een parkeerplaatsje hebben gevonden in dit drukke deel van Cairns. Onderweg komen we toch nog een winkeltje tegen waar we vinden waar we onder andere naar op zoek waren: een pluchen Kasuaris voor Yzze! Uiteraard kan Quinn niet achterblijven, en met ook nog een harig vogelbekdier en dito leguaan zitten we uiteindelijk aan tafel in het restaurant. Hier kunnen we gaan genieten van een Australische barbecue, geïnspireerd op de Braziliaanse variant. De kinderen worden meteen verrast met stickers en kleurplaten en wij kunnen rustig luisteren naar de uitleg van de ober. We krijgen 4 verschillende soorten vlees aan een grote spies voorgeschoteld (Churrasco’s genoemd) met daarnaast allerlei Braziliaanse bijgerechten. Daarna krijgen we nog gekarameliseerde ananas, en vervolgens mogen we alles net zo vaak bijbestellen als we maar willen. “So, it is actually “all you can eat”. A terrible concept…”, vertelt de ober ons monter. Hij staat duidelijk niet geheel achter de visie van het bedrijf waarvoor hij werkt… Hoewel wij normaal gesproken ook niet zo’n fan zijn van een dergelijk concept, smaakt het eten lekker en smullen de kinderen heerlijk rustig mee. Als we teruglopen naar de auto over de nog steeds drukke boulevard, komen we langs de Night Markets. En tot onze verbazing hebben ze hier hele leuke winkeltjes, waar we ons hele geplande arsenaal aan souvenirs kunnen kopen! Missie toch nog geslaagd, al is het dan op het laatste moment…

Inpakken…

Er is een tijd van komen, en er is een tijd van gaan… Helaas zit onze prachtige vakantie er op en beginnen we vandaag aan de lange weg naar huis. We vliegen pas vanmiddag om 15 uur, dus ‘s ochtends hebben we alle tijd om onze spullen te verzamelen en in te pakken. We besluiten aan het einde van de ochtend alvast naar Cairns te rijden en daar nog wat te lunchen bij de haven, zodat we op een leuke manier de wachttijd kunnen doorkomen. Extra leuk wordt het als ze pannenkoeken blijken te hebben bij het zaakje waar we zitten: wat een feest! Quinn eet vrijwel de hele dikke pannenkoek op, maar Yzze heeft het na een paar happen wel weer gezien… Zij heeft de afgelopen weken van de wind geleefd. Nou ja, ook een beetje van melk en friet. Hoewel ze thuis een alleseter is, kon ze de Australische twist die hier aan de haar toch bekende voedingsmiddelen zit blijkbaar niet zo waarderen…

Helemaal niet moe

Een dik uur later staan we op de luchthaven van Cairns. Wat is het hier rustig! Voor we het weten staat onze bagage op de bagageband en zijn we door alle controles heen. Zelfs het boarden begint eerder dan gepland en als één van de eersten stappen we het vliegtuig in. Dit keer kunnen we met z’n vieren naast elkaar zitten, wel zo gezellig. Dat vindt Yzze ook: ondanks dat ze vandaag nog nauwelijks geslapen heeft, weigert ze een oog dicht te doen. Met rooddoorlopen tranende oogjes kijkt ze het ene filmpje na het andere, en wordt natuurlijk flink boos als het programma even wordt onderbroken als er door de piloot of stewardessen iets omgeroepen wordt. Pas na drie uur vliegen geeft ze zich eindelijk over, maar slaapt vervolgens bijna tot aan de landing in Hongkong! Quinn is helemaal in zijn sas met het feit dat hij zo lang op de iPad mag als hij maar wil, maar na een paar uur wint ook bij hem de slaap het van het entertainment. Wat een rust!

Hongkong

Eenmaal aangekomen in Hongkong hebben we in vergelijking met de heenreis een lange overstaptijd van ruim 4,5 uur. Inmiddels hebben we ook gezien dat ons volgende vliegtuig een half uur later zal vertrekken dan gepland. Dat wordt dus 5 uur wachten, midden in de nacht… Gelukkig zijn er her en der toch nog wat winkeltjes open, en uiteraard brengen we weer wat tijd door in de speeltuin van het vliegveld. Helaas blijkt de vertraging uiteindelijk wat langer te duren dan een half uur, want we mogen pas een uur en een kwartier later dan gepland de lucht in. En nu moeten we nóg 11 uur zitten… Ach ja, verstand op nul en blik op oneindig, dan komen we er wel! Halverwege de vlucht hebben we allemaal even een dipje, omdat we onze draai niet meer kunnen vinden in de vliegtuigstoelen. Van slapen komt daardoor weinig, maar zonder al te veel verdere strubbelingen bereiken we vroeg in de ochtend natuurlijk toch Schiphol.

Thuis

En dan…. zijn we weer thuis. Thuis, waar Yzze meteen als een gek aanvalt op de haar vertrouwde bruine boterhammen. Thuis, waar Quinn weer kan spelen met alle vriendjes die hij wel een beetje gemist heeft. Thuis, waar we ineens óók de ruitenwissers in plaats van de knipperlichten aan zetten als we in de auto zitten. Thuis, waar alles toch heel snel weer is zoals het altijd is geweest. Thuis, met heel veel mooie herinneringen aan een prachtige reis!!

Bekijk al onze kindvriendelijke reizen naar Australië.